Vijfde column: in een cocon

Heb je geen blog, maar wil je toch iets delen met de triathlon gemeenschap. Schrijf het hier. Een wedstrijdverslag, belevenis of ander hersenspinsel. Gooi het op dit forum en deel het wereldwijd.
Forumregels
Heb je geen blog, maar wil je toch iets delen met de triathlon gemeenschap. Schrijf het hier. Een wedstrijdverslag, belevenis of ander hersenspinsel. Gooi het op dit forum en deel het wereldwijd.
Gebruikersavatar
dennis.francken
Berichten: 15
Lid geworden op: 17 mei 2016, 13:15

Vijfde column: in een cocon

Berichtdoor dennis.francken » 18 jul 2016, 12:58

Je staat op het punt geschiedenis te schrijven in het boek van jou persoonlijk leven. Na het aflopen van de wekker begint een legende in je bestaan. Je gaat naar een plaats dat mythisch is voor één dag. Een dag die je tot het einde van je dagen zult herinneren, en tot verveling toe van je naaste zult navertellen. Een ochtendpols die je op normale dagen schrikwekkend zult vinden. Een ontbijt dat anders lekker smaakt zal iets moeilijker binnengaan. Het inladen van de auto als inkt voor het hoofdstuk van een boek. Een van de eerste handelingen is het aantrekken van het wetsuit, naast je fiets en loopschoenen. Je kijkt naar het water alsof je de moeilijkste wiskundige puzzel moet oplossen. De voeten voelen de eerste koude. Daarna krijgen je kuiten een eerste gevoel van natheid. Dan gaat het snel en zie je algauw niets meer. Na een diepe inademing, en de reflex om de ogen te sluiten, lig je in een meer of zee ergens op deze blauwe planeet. Door de wetsuit heb je een aangenaam drijfvermogen en als je onder water naar concurrenten wil kijken zie je niks voor ogen. De adrenaline giert door je lijf en je hartslag is hoger dan normaal. De zenuwen voor de eerste slag borstcrawl zijn niet te harden en daar ben je niet tegen bestand. De laatste minuut lijkt wel tien minuten te duren. Tot plots. Er een schot is en achthonderd armen en benen gecontroleerd beginnen te slaan. Je zoekt adem en waant je even Mike Tyson. Het eerste gevecht, de eerste vierhonderd meter, barst los. Na het schot verdwijnen alle zenuwen en stap je over in een cocon van egoïsme. Een cocon waar je de komende uren in zult doorbrengen. Een cocon die je zal redden, want in die cocon zitten alle antwoorden en oplossingen van elke vraag of situatie waar je zult komen voor te staan. Steeds probeer je iets voor je uit te zien, en steeds lukt het amper. En toch werkt er een soort radar die je de weg wijst. Je zwemt in de juiste richting, nog steeds op zoek naar adem. Incasseringsvermogen is tijdens de eerste vierhonderd meter van levensbelang. Maar de cocon is sterk. Na een tijdje werk je jezelf in ruimte waar je privacy hebt, en je kunt concentreren op wat je moet doen. Ritme, herhaling, een elan zullen je langzamerhand overnemen en beheersen. Zo ben je geprogrammeerd. Tot er een verlossende trap verschijnt. De poort naar de hemel dat fiets heet. De eerste overlevingstocht is geslaagd. De eerste blik op je hartslag en tijd. Dan de mentale weerbaarheid. Goed of niet goed, vertrouwen of een dip. Zo stap je op de fiets. Met de moed die de afgelopen minuten is verzameld. Je springt als volleert veldrijder op de fiets en zoekt je schoenen. Eerste trap je wat om niet omver te vallen. Dan ga je kracht omzetten in snelheid. Kracht gepaard met souplesse. Het geluid van de ketting op de tandwielen, het overdragen van vooruitgang. De cocon geeft je alles door wat je moet weten. Van eten tot drinken, van hartslag tot verzet. Het snijden door de wind, de echte reële snelheid voelen en ervaren is één van de mooiste zaken dat er is. Je kracht waar je weken, maanden en jaren voor werkte wordt nu omgezet. Het beest wordt losgelaten. En een paar uur kun je jezelf uitleven, uiteraard gecontroleerd. Het landschap dat voorbij flitst, de bulten en mini ravijnen dat je probeert te ontwijken. Niemand houdt van platte banden of tubes. Publiek moedigt je aan, mensen dat je niet kent en mensen dat jou niet kennen. Maar ze hebben respect en bewondering voor elk individu dat passeert. Zij verdienen stuk voor stuk handgeklap en gejuich. Een ivoren toren waar alle atleten op passeren en eer krijgen dat ze verdienen. Tot je de schoenen losmaakt. Alles begint opnieuw. De volgende, de laatste discipline. Het lopen. Blootvoets stap je aan een veel te hoge snelheid van de fiets. Je verdwaald in de doolhof van de wisselzone op zoek naar een paar schoenen en eventueel een petje. Je hangt je fiets aan het daarvoor voorziene rek en je sukkelt je in de schoenen. Onderweg naar het officiële startpunt van de looptocht, vergeet je niet het rug-en-borstnummer om te draaien. Daar staat ook je naam op en mensen gebruiken je voornaam voor aanmoediging. Stap voor stap, laat je vele meters achter je. De longen beginnen stilaan te prikken en je hart pompt het bloed door je aderen. Zuurstof tekort dreigt, maar de cocon beschermd je. Men zegt je ruikt de finish, en op de duur krijg je door bovenaardse impulsen een geur in je neus. Nog een kilometer. Gebalde vuisten die vriendelijk op en neer motivatie sturen. Onbekende stemmen die je naam roepen. Je hoort niks meer behalve je eigen ademhaling. Alle spieren worden heel bewust gebruikt. Timing zorgt ervoor dat er nog steeds beweging is. Het inschatten van de inspanning is gelukt en je gaat zweven. Nog honderd meter. Elke stap die je nu zet schrijf je geschiedenis, en laat je de toekomst in je leven toe. De toekomst heeft een prachtige geschiedenis geschreven.

Terug naar “Lezersverhalen”

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast